Maandelijks houdt David een aantal kwesties tegen het licht. Op een gezonde, maar kritische manier deelt hij zijn persoonlijke visie hierover en neemt jullie graag mee in zijn diepere gedachten. Lees je mee?

Als er één maand is die echt alle leed op zijn schouders torst, is het toch wel januari. Het jaar deftig uit de startblokken jagen, een waslijst aan voornemens vergaren, de winter aankondigen, grijze, donkere dagen trachten te verkopen aan mensen die snakken naar zon en licht, een post-kerstdepressie verwerken, torenhoge verwachtingen inlossen, met feestkilo’s afrekenen, de lampjes uit de boom kijken, de spits afbijten, … en zo kunnen we nog wel even doorgaan. Bovendien staat januari altijd in de schaduw van het populairdere broertje december, waar het klatergoud niet opkan. Een paar weken geleden werden we nog overladen met cadeautjes, kroketten en waardebonnen. Nu staan we aan de voet van de berg, die ons van de lente scheidt. Aan de schaduwzijde, welteverstaan. Het is niet anders. Het ritme van het jaar is traag maar gestaag.

Onterecht, vind ik. Januari wordt hier teveel oneer aangedaan. Ik kom op voor die schijnbaar troosteloze maand. De eeuwige nummer één van het jaar kan alvast met die comfortabele positie rekenen. Heerlijk toch: geen prestatiedruk, altijd een excuus en een hang naar routine. Januari heeft het allemaal. Alsof hij sereen maar verstaanbaar, licht grijnzend fluistert: ‘Zo, dat hebben we weer gehad’. Dan kan je alleen maar instemmend knikken en akkoord gaan met de voorwaarden. Die er eigenlijk niet zijn. Laat december zijn wonden maar likken. Het zal ons worst wezen. Hoogmoed komt voor de val.

‘Feestmaandje’ …

Hoe verteer je de kerstblues het best? Door januari als volwaardig te aanzien. De ideale maand om eens een stad te ontdekken. Een museum. Koopjes doen. Een hotelletje boeken, dicht bij huis. Eens alleen gaan dolen op plaatsen waar je nog nooit bent geweest. Durven verdwalen. Werkt helend. Heel ver weg, maar dan vlakbij. Lange wandelingen in lege bossen. Kijken naar de zon, die alleen maar in culminatiehoogte wint. Nijpende koude met warme drankjes verdrijven. Adempluimen die ‘voorspoed’ in de ijzige lucht schrijven. En voor de vrijgezellen onder ons: misschien kom je je tweelingziel wel tegen, net om de bocht, aan de groenteafdeling in de lokale super, of in een idyllisch, zonnig, Limburgs wandelpark waar je het bestaan niet van wist. En voor de echte kerstliefhebbers: binnen slechts elf maanden is het weer zover. Een repetitief gegeven. Wedergeboorte. Zekerheid. Van positiviteit gesproken. ’t Is januari die het je geeft. Eenzame rustbrenger. Kluizenaar van het jaar.

Januari serveert je een kraakvers jaar. Doe er iets mee. De houdbaarheid is beperkt. Voor je het weet is het februari maar dat is een heel ander verhaal. Uit respect voor de eerste 31 dagen van het jaar, wil ik het daar niet over hebben.
Daarom, liefste januari, geniet. Je hebt het verdiend. Wees trots.
Borst vooruit. Vuisten gebald. Ik sta als één man achter je.
Mij heb je alvast mee. Geboeid. Met een open geest.
Die meer beleeft. 

DELEN