Internationale Vrouwendag vieren we verder met dit straffe verhaal. Onlangs mochten we hier bij Flash Magazine kennis maken met Emilie Nys. Een leuke jongedame van amper 21 jaar. Je zou zeggen dat je op je 21ste nog jong en onbezonnen bent. Maar Emilie was anders. Na enkele dagen wisten we ook waarom. Ze vertelde ons haar levensverhaal. En ja… onze hele redactie werd er even stil van. Wij vonden het alvast een perfect artikel om met jullie te delen op Internationale Vrouwendag. Want dit is een straffe jonge vrouw met een fantastisch verhaal…

Prille liefde

“Zoals elke jongedame wel eens verliefd wordt, was dat bij mij ook het geval op mijn 19de. Ik leerde Gert kennen. We spraken enkele keren af en amuseerden ons rot samen. Zo gingen er enkele dagen voorbij en hing er een prille verliefdheid in de lucht. We spraken af om enkele dagen later samen uit eten te gaan. Maar uit het niets antwoordde Gert niet meer op mijn berichtjes. Ik stuurde nog enkele berichten maar wilde natuurlijk niet hopeloos overkomen. Stilaan begon ik te denken dat ik op een ‘loser’ verliefd was geworden. Toch was het moeilijk om het af te sluiten zonder een laatste gesprek.”

Dat ene sms’je

“Aangezien ik iets was vergeten op Gerts appartement, en het toch graag terugwilde probeerde ik eens contact op te nemen met zijn broer. Het berichtje dat hij terugstuurde, zal ik nooit vergeten. Het veranderde de hele situatie in 1, 2, 3… Hij vertelde me dat Gert een zwaar auto-ongeluk had meegemaakt en dat hij vocht voor zijn leven in coma.”

“Het nieuws kwam keihard binnen. De ‘loser’ die me had laten zitten, lag gewoon al enkele dagen op intensieve zorgen, te vechten voor zijn leven.”

Wachten op het verlossende nieuws

“Omdat alles nog zo pril en onduidelijk was, durfde ik niet op bezoek gaan zolang hij op intensieve zorgen lag. Want wat moest ik zeggen? “Hallo, ik ben het vriendinnetje van Gert dat jullie nog nooit eerder ontmoet hebben?” En dat terwijl zijn familie waarschijnlijk verscheurd van verdriet langst zijn bed zat? Nee. Dat durfde ik niet. Ik vroeg dus aan zijn broer of hij me op de hoogte kon houden over Gert’s toestand.”

“Na drie weken werd Gert dan toch wakker uit coma en werd hij verplaatst van de afdeling intensieve zorgen naar een gewone afdeling waar bezoek wel was toegelaten. Wat zijn toestand toen was, daar kon ik me op dat moment maar weinig van voorstellen. Met een klein hartje vertrok ik naar het ziekenhuis. Daar zag ik Gert liggen. Als een plantje staarde hij naar buiten. Hij kon amper praten, zijn rechter lichaamshelft was verlamd en hij kon dus ook niet meer stappen. Maar ook de blik in zijn ogen was zo kil. Alsof hij op een andere wereld was. Ik stond perplex.”

“Natuurlijk ken ik je nog”

Het eerste moment dat we elkaar terugzagen, was heel intens. Ik kwam de kamer binnen, maar hij reageerde niet. Pas toen ik voor hem stond keek hij me aan. Eerst met heel boos gezicht, tot ik begon te praten. Met een bang hartje vroeg ik: “Ken je me nog?”. Die boze blik maakte plaats voor een glimlach en Gert deed alle moeite van de wereld en antwoordde plots met een hese stem. “Natuurlijk, ken ik je nog.”. Toen hij dat zei, smolt mijn hart. En dat was het begin van alles.”

Gert tijdens zijn revalidatie in Edegem.

“Denk na over je toekomst”

“Het was toen zomervakantie en daardoor ging ik elke dag op bezoek vanaf die dag. Toen het academiejaar weer begon en Gert werd overgebracht naar Edegem, was een dagelijks bezoek niet meer mogelijk. Ondanks de verre afstand ging ik hem toch drie keer per week bezoeken. De weken die volgden kwam Gerts stem beetje bij beetje terug. Maar of Gert ooit nog helemaal ging herstellen? Kunnen stappen? Dat wist niemand. Maar de kans was klein. Heel klein. Toch bleef ik er met volle overtuiging voor gaan. Iedereen sprak me er over aan. Zelfs de verpleegsters… “Hecht je niet te veel aan die jongen. Je zal nooit een toekomst met hem kunnen hebben.” Hun advies sloeg ik in de wind en ik bleef hem bezoeken.”

Van het ene ziekenhuis naar het andere

“Gert herstelde stilletjes aan. En verbleef in verschillende ziekenhuizen. Een dikke maand verbleef hij in Bonheiden waar hij vocht voor zijn leven, waarna vijf maanden fysieke revalidatie volgden. Daarna verbleef hij 12 maanden in Duffel om ook op cognitief vlak te herstellen.”

“Het was een helse periode maar tegelijkertijd ook een mooie. Ik studeerde communicatiemanagement in Hasselt. Na mijn lessen reed ik onmiddellijk door naar het ziekenhuis waar Gert lag. Wat een lange rit van bijna anderhalf uur was in de avondspits. Eenmaal daar duwde ik hem met zijn rolstoel doorheen het hele ziekenhuis. We gingen samen taartjes eten en genoten buiten van de frisse lucht. En Gert zelf? Die maakte indrukwekkende vooruitgangen. Elke week ging hij fysiek én mentaal vooruit. Heel erg snel sloeg hij er zelfs in om terug te stappen en trappen op te lopen. Er was nog een lange weg af te leggen, maar ik geloofde er wel in.”

©Emilie Nys

En vandaag…

“Het is nu ongeveer twee jaar later en nu zijn revalidatie ten einde is wonen we zo goed als samen op zijn appartementje. Binnenkort gaan we ook samen een hondje adopteren. Gerts hersenletsel zorgt ervoor dat hij sneller overprikkeld is. Daarom kan hij momenteel nog niet zijn vorige job als leerkracht lager onderwijs verderzetten. Heel erg jammer, maar ik ben er van overtuigd dat hij zeker een andere job zal vinden met al zijn talenten en wilskracht. Niet alles verloopt altijd even vlot, maar samen staan we sterk. We genieten van elke minuut dat we samen zijn. En onze relatie, tja die is net dat tikkeltje specialer geworden…”